Waarom deze architect losmaakbare gebouwen maakt: ‘Alles in de nieuwbouw is gericht op een exit na zeven jaar’

Auteur zonder afbeelding icoon
Bouw en Installatie Hub
01 september 2026
5 min

Het begon met een verplaatsbare rechtbank en een demontabel kantoor. Nu bouwt Cepezed alsof het kinderspel is een flexibel ziekenhuis. Interview met de man die gebouwen als stofzuigers ziet, Menno Rubbens. Een gesprek over ‘losgoed’, misschien wel een nieuw gat in de vastgoedmarkt. “Met de bouw kunnen we echt wel een deuk in een pakje boter slaan.”

Voelt hij zich meer architect, aannemer of ontwikkelaar? “Alle drie eigenlijk.” Het is Menno Rubbens, directeur van Cepezed Projects (Delft), ten voeten uit. Bij Cepezed kan het een niet zonder het ander en streven ze als sinds dag één van haar bestaan ‘klassiek bouwheerschap na’.

“Gechargeerd gezegd zoek je dan als architect niet alleen de kleur van de tegeltjes uit, maar denk je ook echt na over het ontwerpen van slimme gebouwen, samen met de uitvoerende partijen.”

Lees verder of luister hier naar het hele interview in Bureau Stoer

Rubbens haalt uit zonder iemand te willen raken. Hij heeft geen tijd om iets of iemand te beledigen, daar is hij veel te druk voor. De losmaakbare samenleving slokt al zijn aandacht op.

Zo maakte hij indruk met een tijdelijke en verplaatsbare rechtbank, de blits met een demontabel kantoorgebouw in Delft en ditmaal zet hij zijn tanden in een hoogwaardige en uit elkaar te halen tijdelijke ziekenhuisunit. Of zoals hij dat zegt: een schuifgebouw. “Daarmee faciliteren we het onderhoud dat nodig is aan het huidige ziekenhuis.”

Rubbens zit er tijdens het gesprek voor de podcast Bureau Stoer in restaurant Speys in Utrecht direct lekker in. Zijn losgoedvisie hangt in de verste verte niet als los zand aan elkaar. Nee, deze architect, bouwer en ontwikkelaar in één, heeft een visie, een missie en praat zelden met meel in de mond.

Zie je de wereld om je heen instorten, omdat partijen in de sector kennelijk nauwelijks verantwoordelijkheid nemen?
“Nee, maar ik denk wel dat de versnippering in de bouw innovatie erg afremt. Mensen worden risicomijdend. Een aannemer krijgt een ontwerp over de schutting gegooid en die moet daar dan soms in een paar weken tijd een prijs op maken. Onmogelijk…”

Hoe zit dat met die losmaakbaarheidsagenda van je?
“Om te beginnen is het verplaatsen van gebouwen geen doel op zich. Ik wil de waarde die je in een gebouw stopt vooral bereikbaar houden voor de toekomst. Met Cepezed doen we dat eigenlijk al sinds we 52 jaar geleden zijn opgericht: we benaderen gebouwen als producten, alsof je een stofzuiger bouwt of een auto. Dat geeft ons meer controle over de kwaliteit. Nu sluit dat gedachtengoed mooi aan bij de hele discussie over circulariteit en waarde-behoud van materialen.”

Dick van Ginkel, innovatiemanager bij TBI Woonlab en één van de vaste sidekicks van Bureau Stoer praat ook mee. Binnenkort wordt zijn nieuwe woning opgeleverd.

Hoe losmaakbaar is dat?
Van Ginkel: “Ik denk dat je het dak kunt losmaken en dan houdt het wel op, hahaha. Maar ik vind die ontwikkeling van losmaakbaar bouwen wel interessant en relevant.”

Hij maakt een klein bruggetje naar een rapport van het EIB (Economisch Instituut voor de Bouw). Dat gaat over de tegenvallende opbrengsten van het optoppen, splitsen en transformeren van bestaande gebouwen. De belangrijkste boodschap van het EIB is dat Nederland meer zou moeten investeren in nieuwbouwwijken aan de rand van steden. Volgens Van Ginkel is het allebei belangrijk. “Naar mijn idee moeten we niet kiezen, maar hebben we gewoon alles nodig om die woonhuisvesting mogelijk te maken.”

Rubbens verklaart zich een fan van optoppen, maar signaleert dat veel projecten snel sterven in schoonheid. Het loopt stuk op parkeernormen of op weerstand onder omwonenden. Met Cepezed ontwikkelde hij een tool, waarmee hij zorgen van omwonenden kan wegnemen.

Wat is er nog meer nodig om optoppen te laten vliegen?
“Ik heb weleens gepleit voor een wet die zegt dat er op elk gebouw twee verdiepingen mogen komen. Economisch is dat ook interessant. Het parkeerprobleem? Dat is vaak een papieren probleem…”

Terug naar losmaakbaar bouwen. Hoe moeilijk is dat?
“Ik denk dat Iedereen het kan. Het is geen rocketscience, al moet je als ontwerper en bouwer wel verantwoordelijkheid nemen voor het hele proces. Bij het Sophia Kinderziekenhuis in Rotterdam bouwen we momenteel een demontabele Intensive Care Unit. Overigens is de structuur ervan vergelijkbaar met de verplaatsbare rechtbank die we eerder maakten. Wel moet dit gebouw meer trillingvrij zijn in verband met ‘couveusekinderen’. Geen enkele trilling is acceptabel, dat vereist meer van de constructie.”

Welke materialen lenen zich er het best voor?
“In mijn optiek bestaan er geen goede of slechte materialen, giftige materialen daargelaten. Je hebt wel goede en slechte toepassingen.”

Waarom is losmaakbaar bouwen een gat in de markt?
We zijn momenteel in een gesprek met een aantal grote gebiedsontwikkelaars. In nieuwe wijken willen zij een aantal servicegebouwen met algemene functies bouwen die na een jaar of zeven verplaatst kunnen worden naar andere wijken.”

Hoe snel verplaats je zo’n gebouw eigenlijk?
“Hoe hoger de kwaliteit van het gebouw hoe langer dat duurt. Een containergebouw pak je zo op, maar het demonteren en weer opbouwen van de rechtbank nam bij elkaar ongeveer een jaar in beslag.”

Hoe kijken andere architecten tegen jullie aan?
“Veel architecten zijn bezig met de context van gebouwen. Op het moment dat wij gebouwen maken als soort producten die je overal kunt neerzetten, dan heb je daar zeker met de puristen op het gebied van architectuur wel discussie over.”

En wat zeg jij dan?
“Dat wij juist het gevoel hebben dat wij de grip op het ontwerp en op het hele bouwproces terugbrengen. Overigens verbouwen wij ook veel rijksmonumenten. Het feit dat we losmaakbaar ontwerpen, betekent dus niet dat we geen respect hebben voor de omgeving.”

Jij bouwt misschien wel circulair in het kwadraat. Je hebt ook wel eens aangedrongen om bij een omgevingsplan een demontageplan te verplichten. Het kwam niet zo ver…
“Helaas wordt de discussie rondom circulariteit nog altijd gekaapt door recycling… In plaats daarvan zouden we in de sector veel meer moeten nadenken over de lange termijn. Bij nieuwbouw (utiliteitsbouw) is alles nu gericht op het creëren van een exit na 7 jaar voor een gebouw. Inderdaad, de wegwerpmaatschappij.”

De gemiddelde bouwer zal denken: alles moet digitaal, duurzaam, industrieel. Nu moeten we ook nog eens losmaakbaar bouwen. Waarom?
“Omwille van het milieu en om verspilling van materialen tegen te gaan. De bouw is verantwoordelijk voor 11 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. Dat betekent dat wij als bouw echt een deuk in een pakje boter kunnen slaan, als wij dat beter aanpakken.”

Benieuwd naar het hele interview met Menno Rubbens en Dick van Ginkel. Luister dan hier naar Bureau Stoer.