“Je begint met een tekening, en straks staat er een gebouw van 18 meter hoog” Tekst en beeld: Marion de Graaff, Tekstbureau ‘t Kofschip

Bob Leferink is uitvoerder bij bouwbedrijf Plegt-Vos. Momenteel werkt hij aan de bouw van 139 studentenwoningen in het havengebied in Deventer. ‘Geen enkel werk is standaard. Er is altijd wel iets bijzonder aan, of in elk geval… anders dan anders.’

‘Bij dit project maakt de locatie het spannend’, zegt Bob. ‘De buitenmuren van het gebouw vallen precies binnen het kavel, er is verder geen enkele ruimte omheen. Dat maakt de logistiek rondom dit project wel uitdagend. Op dagen dat er voor een nieuwe verdieping kalksteen elementen worden geleverd, heb je zomaar twaalf tot veertien vrachtwagens die hier moeten zijn. Dat betekent dus ‘just-in-time’ leveringen, en dat is een kwestie van heel goed plannen. Ook wel bijzonder is dat dit complex gasloos wordt opgeleverd. De verwarming is straks afkomstig uit de betonkern, en van de warmtepompen die op het dak komen. Op het dak komen ook zonnepanelen natuurlijk. Het wordt een gebouw van zes woonlagen, verdeeld in 139 zelfstandige wooneenheden voor studenten. Ze zijn dus allemaal voorzien van douche, toilet en een keukenblok. We bouwen met kalkzandsteen wanden en breedplaatvloeren, en werken het geheel af met mooi metselwerk.’

Goed communiceren

Voor dit project deed Bob ook een deel van de inkoop. ‘Dat hoort eigenlijk niet bij de taak van een uitvoerder,’ zegt hij. ‘Maar de gelegenheid deed zich bij dit werk voor. Als uitvoerder ben ik vooral aan het plannen en organiseren van alle werkzaamheden, en zorg ik voor de veiligheid, planning en financiën. Dan heb je met allerlei partijen te maken, zoals leveranciers, onderaannemers, de mannen die het uitvoeren. Je moet als uitvoerder goed kunnen communiceren.’

Bob heeft altijd in de bouw gezeten. Via MBO en daarna HBO Bouwkunde werd hij assistent werkvoorbereider, werkvoorbereider, assistent uitvoerder en nu is hij dus uitvoerder. ‘Ik heb er veel voordeel van dat ik zowel een praktische als een theoretische opleiding heb gedaan. Het versterkt elkaar. Ik hou van de bouw omdat je samen iets maakt. Je begint met een tekening, en als we hier straks weggaan staat er een gebouw van achttien meter hoog waar 139 studenten in gaan wonen. Alle bouwfases hebben wat, en het grappige is dat ik me altijd aan het verheugen ben op de volgende fase. Dan ben je meestal ook wel toe aan iets nieuws.’ 

Ruwbouw en afbouw

Vanaf zijn werkplek in de keet kijkt Bob over de bouwplaats uit. Er zijn mannen bezig om de vloerplaten op de fundering te leggen. ‘Nu is het rustig’, zegt Bob, ‘maar in de periode dat de ruwbouw bijna klaar is en de afbouw is begonnen, dan is het hier op z’n drukst. Dan is er van alles tegelijk gaande. Ook weer een leuke periode.’ Bob is al bij heel veel projecten betrokken geweest. Wat zou hij graag nog een keer doen? ‘Een ziekenhuis bouwen, dan lijkt me mooi. Dan heb je met hele andere, strenge eisen te maken. En het is natuurlijk groot en complex.’
Twee avonden in de week reserveert Bob om te mountainbiken. Verder klust hij graag in zijn eigen “nieuwe, oude huis”. Hij bouwde ooit zelf al een huis op een nieuwbouwlocatie, maar hij was toe aan een plek met veel grond eromheen. ‘Er moet best veel gedaan worden, maar we doen het rustig aan. In het weekend wil ik de tijd hebben voor mijn kinderen.

Ook interessant