Duurzaam verwarmen en koelen met water Tekst: Marion de Graaff, Tekstbureau ’t Kofschip. Beeld: Henk Looijen, Netwerk Aquathermie.

Er wordt naarstig gezocht naar oplossingen die het gebruik van fossiele brandstoffen kunnen verminderen. Het lijkt waarschijnlijk dat er verschillende methodes naast elkaar toegepast gaan worden. Een van de manieren is verwarmen en koelen met behulp van thermische energie uit oppervlaktewater, afvalwater en drinkwater.

Aquathermie is de verzamelterm voor duurzaam verwarmen en koelen met water. Het gaat om warmte en koude - ofwel thermische energie - uit oppervlaktewater (TEO), afvalwater (TEA) en drinkwater (TED). Aquathermie is één van de alternatieven voor duurzame verwarming uit het Klimaatakkoord. In het Klimaatakkoord wordt de verwachte warmtevraag voor de gebouwde omgeving geschat op 333 petajoule (PJ) in 2030. CE Delft stelt samen met Deltares in een analyse dat het economisch potentieel van TEO uitkomt op 150 PJ, dat van TEA op 56 PJ en dat van TED op 4 tot 6 PJ per jaar.  Aquathermie kan daarmee voorzien in minstens de helft van de landelijke warmtevraag.

Samenwerken

Als waterschappen, Rijkswaterstaat, drinkwaterbedrijven en rioolbeheerders samen gaan werken met partijen zoals warmtebedrijven, technische adviesbureaus, overheden, nutsbedrijven en gebouweigenaren, dan kan water gaan dienen als warmtebron. Om de plussen en minnen van aquathermie ten opzichte van andere bronnen goed in beeld te brengen werd in mei 2019 een Green Deal Aquathermie ondertekend door 20 partijen. Samen met inmiddels 28 andere organisaties zijn ze verenigd in het Netwerk Aquathermie (afgekort tot het toepasselijke NAT), dat dus afgelopen mei zijn éénjarige bestaan mocht vieren. Erik Kraaij, programmamanager van NAT: ‘In dat eerste jaar is vooral veel aan kennisdeling gedaan om het principe en de techniek bekendheid te geven. NAT werkt daarbij nauw samen met de andere klimaatprogramma’s die voortkomen uit het Klimaatakkoord: Nationaal Programma Regionale Energiestrategie (NPRES), Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) en Expertisecentrum Warmte (ECW).’

VINEX

Een van de dingen die NAT deed, was het delen van een inventarisatie van wat gunstige en ongunstige factoren voor aquathermie  zijn voor verschillende typen wijken. Zo lijken er voor aquathermie in een VINEX-wijk gebouwd in de jaren ’90 met energielabel B/C alleen maar pluspunten zijn: de warmtevraag is er voldoende, de woningen zijn goed genoeg geïsoleerd, er is voldoende ruimte, het is goedkoper dan de woningen afzonderlijk van het gas afhalen, door de projectmatige bouw zijn er standaarddeals mogelijk, en tot slot is er in dergelijke wijken soms al een warmtenet aanwezig dat door middel van aquathermie verduurzaamd kan worden. ‘Voorwaarde blijft natuurlijk wel dat er water in de buurt beschikbaar is en dat de partijen uit de keten – van waterbeheerder tot warmteleverancier en afnemers – elkaar vinden in een aquathermieproject’, aldus Erik Kraaij.

Inzichten

Er zijn al meer dan 50 gerealiseerde projecten met aquathermie bekend. Een voorbeeld is Schoonschip, een woonproject in een zijkanaal van het IJ in Amsterdam-Noord waar 46 waterwoningen werden gebouwd op dertig drijvende bakken. Warmtepompen winnen er warmte uit het oppervlaktewater voor de (vloer)verwarming van de woningen. De minimumtemperatuur van het kanaalwater is 4 à 5 °C. De warmtepompen onttrekken al vanaf een watertemperatuur van 3 tot 4 °C warmte aan het kanaal. De temperatuur is het grootste deel van het jaar een stuk hoger, en dan neemt het rendement van de warmtepomp toe. Op dit moment wordt op zo’n honderd locaties in Nederland onderzocht wat de mogelijkheden zijn om aquathermie toe te passen. Dat is mooi, want de ervaringen die daar worden opgedaan bieden inzichten voor andere projecten. Erik Kraaij: ‘NAT werkt intussen aan een scan van de aquathermiepraktijk in het buitenland. Met name in Scandinavië is al veel ervaring met deze techniek, vooral met TEA. De opgehaalde kennis delen we met het netwerk, we verwachten hier ook weer veel te kunnen leren.’

Missie

Het Netwerk Aquathermie wil met grootschalige projecten laten zien dat aquathermie een belangrijke rol kan gaan spelen in de energietransitie. Hiervoor agendeert NAT kennisvragen bij partners en partijen en zorgt voor actieve verspreiding van kennis en ervaringen in het gehele netwerk. Allemaal met het doel om Aquathermie als volwaardig alternatief mee te kunnen wegen in de zoektocht naar fossielvrije verwarming. Onlangs publiceerde NAT de digitale kaart Aquathermie, die een overzicht geeft van de actuele aquathermie-praktijk in Nederland. Op de kaart zijn kengetallen van een flink aantal grote en kleine gerealiseerde TEO, TEA en TED-projecten verzameld. De komende tijd wordt de kaart uitgebreid met meer projecten. NAT streeft ernaar om aan het einde van de looptijd van de Green Deal Aquathermie in mei 2022, zoveel kennis en ervaringen met aquathermie te hebben gedeeld met gemeenten dat zij er voldoende kennis en vertrouwen in hebben en aquathermie opnemen in hun regionale energiestrategieën (RES) en transitievisies warmte (TVW). Dan is de missie geslaagd en gloort er voor aquathermie een mooie toekomst.

Ook interessant