Kleurige gevels Tekst: Marion de Graaff, Tekstbureau ’t Kofschip. Beeld: Pixabay.com.

Gevelbekleding bepaalt voor een groot deel de uitstraling van een gebouw. Glas, hout, steen, keramiek: ze hebben allemaal hun eigen textuur en kleur. Hoewel je met dergelijke materialen wel altijd in dezelfde tinten zit. Om een gevel echt kleur te geven, is er eigenlijk maar een manier: schilderen.

In andere landen zijn gekleurde gevels heel gewoon. Ga maar eens op vakantie naar Engeland, Frankrijk, Italië, of verder weg, naar Curaçao. Je kijkt je ogen uit. In Nederland komen gekleurde gevels nauwelijks voor. Toch zou het het straatbeeld flink verfraaien. Met een paar blikken verf is alles mogelijk. Van mosgroen tot kastanjebruin, maar ook van helblauw tot knalroze. Als je als aannemer of schilder voor zo’n klus wordt gevraagd, is het verstandig om eerst een paar tegenvragen te stellen. De eerste moet zijn: heeft u uitgezocht of er een vergunning nodig is? Over het algemeen is een nieuwe verflaag geen grote aanpassing aan het gebouw. Meestal is een vergunning niet nodig, maar er zijn vaak wel regels die zeggen dat ‘buitensporigheden’ niet gewenst zijn. En de welstandscommissie kan ook voor problemen zorgen. Er zijn gemeenten waar je in bepaalde wijken/straten alleen maar wit, grijs- en crème tinten mag gebruiken. Dus even checken voordat het blik open gaat, is raadzaam.

Kleur adviezen en overwegingen

Vaak heeft een opdrachtgever voor zichzelf al duidelijk welke kleur het moet worden. Maar soms vraagt hij om advies. Dan zijn er een paar richtlijnen die kunnen helpen. Zijn er al huizen in de buurt met een gekleurde gevel, dan kan daarmee rekening worden gehouden. Maar omdat dat in Nederland niet vaak het geval zal zijn, is de te kleuren gevel zelf een betere leidraad. Een huis of gebouw heeft door zijn bouwstijl en materiaalgebruik altijd een eigen karakter. Sluit daarbij aan. Is een woning of pand niet al te groot, dan kan het beste één kleur voor de gevel worden gekozen. Maar voor een wat grotere woning of gebouw kunnen meerdere kleuren ook. Soms nodigt de grootte of de stijl er echt toe uit.
Wit is meestal niet aan te raden. Zeker koel wit is al snel te hard. De oriëntatie van de gevel ten opzichte van de zon is ook een punt om mee te nemen, want licht beïnvloedt de kleur. En de kleur van het schilderwerk – licht of donker – beïnvloedt de uitstraling van de gevel. Een lichte kleur doet een pand groter lijken. En valt de keuze wel op een donkere kleur, dan is het mooi om de kozijnen in een lichte kleur te schilderen. De ramen vallen dan meer op en lijken groter. 

Denk aan … 

… onderdelen van de gevel, zoals regenpijpen en dakgoten. Ze zijn meestal niet echt mooi en vallen het minst op als ze in dezelfde kleur als de gevel erachter of eronder zijn geschilderd. Een dakgoot in een donkere kleur is eigenlijk nooit aan te raden; een woning of gebouw lijkt er lager door. Een kroonlijst kan het beste dezelfde kleur krijgen als de gevel, want dat doet het geheel juist groter lijken. Een goede schilder of aannemer weet natuurlijk dat een goed begin het halve werk is. Iedere ondergrond vraag een andere voorbereiding. Soms is het nodig om een gevel eerst van loszittend stucwerk te ontdoen en er een extra laag pleisterwerk op te zetten om het weer mooi strak te maken. Baksteen en beton kunnen met een primer worden behandeld, om de zuigende werking tegen te gaan. Op een primerlaag hecht de verf goed. Neem de gevel altijd goed op van te voren. Is er sprake van barsten, schimmel- of vochtplekken, mos of andere begroeiing? Dan moet daar eerst iets aan gedaan worden. 

Kleurcodes!

Klaar met de klus? Geef de opdrachtgever dan de kleurcodes van de gebruikte verfsoort(en). Vermeld het bijvoorbeeld op de factuur. De opdrachtgever zal blij verrast zijn. Hij denkt er zelf meestal niet aan, maar bij een onderhoudsbeurt bespaart het hem zeker weten een heleboel zoekwerk.

Ook interessant